Gezond werk, goed geregeld: factsheet RSI

0

Waar maken we ons druk over?

Ruim een kwart van de Nederlandse werknemers rapporteert RSI-klachten. Aldus de arbobalans 2005. Dat zijn circa één driekwart miljoen mensen! In 2003 lag dat percentage op 20, dus de problematiek lijkt in twee jaar tijd aanzienlijk verergerd, ondanks arboconvenanten en andere inspanningen.

RSI is dan ook niet uitsluitend een beeldschermkwaal. Integendeel: veel RSI klachten komen uit de industrie (onder andere de vleesverwerkende industrie), agrarische sectoren en de kappersbranche.

Enkele gegevens uit de sector

Omvang

Bron

Beeldschermwerkers

31%

FNV september 2003

Kappers

49%

FNV september 2003

Vleessector

43%

FNV september 2003

ICT-sector

25%

Nederland ICT november 2003

Banken

30,6 (2004)

Eindmeting werkdruk & RSI, 2004

 

27,9 (2002)

Arbomonitor banken 2002

RSI is een verzamelnaam voor klachten, symptomen en syndromen die voorkomen in bovenrug, nek- en schoudergebied, armen, ellebogen, polsen, handen en vingers. RSI-klachten krijgen ook wel de termen(W)abbe of CANS (dan wel KANS) opgespeld. Wikipedia somt vervolgens 23 ziektebeelden op die te typeren zijn als CANS, variërend van slijmbeursontsteking (bursitis) tot de ziekte van de Quervain (een specifiek type peesschede-ontsteking).

RSI- klachten worden meestal veroorzaakt door repeterende bewegingen, een langdurige statische houding of een combinatie van beide. Werkgebonden factoren spelen een belangrijke rol bij het ontstaan, verergeren of het instandhouden van RSI. Niet alleen slechte apparatuur of meubilair, maar juist hoge tempodruk en andere stressverhogende factoren leiden tot RSI.

Er bestaan verschillende gradaties in de ernst van RSI-klachten. Beginnende klachten worden gekenmerkt door (pijn)symptomen terwijl men wel ‘normaal’ door kan werken. In een tweede stadium belemmeren de pijnklachten het werk in sterke mate. Ten slotte is er een stadium waarin chronische pijnklachten de overhand krijgen.

In elk geval is tijdig ingrijpen van groot belang om erger te voorkomen.

Wettelijke normen nu, en in de plannen van het kabinet

RSI wordt in de wetgeving momenteel (ten onrechte) alleen gekoppeld aan beeldschermwerk: alle thans geldende concrete normen hebben daar betrekking op. Na twee uur onafgebroken beeldschermwerk moet gepauzeerd worden, meer dan 5 tot 6 uur beeldschermwerk per dag is onverantwoord, de beeldschermwerkplek moet voldoen aan allerlei ergonomische eisen om RSI tegen te gaan. Andere werknemers die geconfronteerd worden met RSI-gevoelige werksituaties moeten het doen met de vage bepaling in het arbobesluit dat fysieke belasting in principe niet schadelijk mag zijn voor de gezondheid.

In de kabinetsplannen voor arbowet en arbobesluit verandert er weinig. De ergonomische eisen die de minister via de arboregeling aan beeldschermwerkplekken kan stellen, lijken overeind te blijven (artikel 5.12). Ook in de thans geldende pauzebepalingen verandert niets.

De kans om gezondheidskundige grenswaarden verder te concretiseren, bijvoorbeeld door het maximaal aantal beeldschermuren per dag in het arbobesluit vast te leggen, wordt gemist.

Evenmin voorzien de kabinetsvoorstellen in RSI-normen voor de grote risicogroep van niet-beeldschermwerkers.

Wat wil FNV Bondgenoten ?

FNV Bondgenoten wil de beschermende normen tegen RSI uitbreiden tot alle werknemers die aan dit risico blootstaan. Concreet betekent dit:

  1. Na uiterlijk 2 uur “RSI-belastend werk” 10 min. pauze of andersoortig werk
  2. Maximaal 4-6 uur “RSI-belastend werk” per dag, afhankelijk van de mate van RSI-belasting en intensiteit van de taken die men uitvoert

De term “RSI-belastend werk” doelt hier op werkzaamheden waarbij sprake is van repeterende bewegingen, een langdurige statische houding of een combinatie van beide.
De genoemde grenswaarden gaan uit van min of meer ‘normale’ werkomstandigheden. Als werknemers onder slechte omstandigheden RSI-belastend werk moeten verrichten, kunnen RSI-klachten al na een blootstellingsduur van 2 tot 3 uur per dag optreden.

De grenswaarden zijn mede gebaseerd op de uitkomsten van het (op beeldschermwerk gerichte) TNO-onderzoek “RSI klachten in de werkende populatie” (TNOArbeid, 2000)

Wat wil de Sociaal Economische Raad (SER)?

“In de arbostructuur die de raad voor ogen staat worden in het publieke domein zo veel als mogelijk is heldere en concrete, handhaafbare doelvoorschriften opgenomen waaraan duidelijke, wetenschappelijk onderbouwde gezondheids- of veiligheidskundige grenswaarden gekoppeld zijn.

Deze dienen te gelden voor alle thans bekende en toekomstige relevante arbeidsrisico’s waaraan werknemers blootstaan, zoals omschreven in de Arbowet en het Arbobesluit en voor prioritaire arbeidsrisico’s zoals die ten grondslag zijn gelegd aan de arboconvenanten nieuwe stijl.” (SER-advies, pdf-versie, pag 32)

  • arbobondgenoten.nl, dossier RSI

pijltop-3341924