Factsheet: agressie op het werk

0

Waar maken we ons druk over?

Werknemers kunnen op verschillende manieren te maken krijgen met agressie op hun werk:

  • sexuele intimidatie
  • interne agressie: intimidatie en pesten door collega’s en/ of leidinggevenden
  • externe agressie: intimidatie en geweld door klanten, bezoekers, publiek

De afgelopen tien jaar is deze problematiek, vooral intimidatie en agressie door klanten voor veel werknemers ernstig gewordenIn totaal heeft 27% van de Nederlandse werknemers – 1,9 miljoen mensen – tijdens hun werk te maken met externe agressie. Met pesten door collega’s worden ongeveer 770.000 werknemers geconfronteerd.

In heel wat sectoren krijgen werknemers te maken met vormen van externe en interneagressie. Hieronder een aantal percentages (bron: arbobalans 2005) . De vijf hoogst scorende sectoren zijn rood gedrukt. Opvallend is dat de sectoren vervoer, horeca en openbaar bestuur zowel qua interne agressie (pesten) als qua externe agressie (klanten) hoog scoren.

Sector Externe agressie Interne agressie
gezondheidszorg/ welzijnszorg

47%

16%

horeca

36%

21%

openbaar bestuur

33%

23%

onderwijs

32%

17%

vervoer en communicatie

28%

26%

handel

28%

20%

landbouw en visserij

14%

21%

industrie

12%

25%

bouwnijverheid

14%

20%

zakelijke dienstverlening

20%

20%

De totale jaarlijkse kosten van gezondheidsschade als gevolg van psychosociale arbeidsbelasting zijn recentelijk geschat op circa vier miljard euro (Blatter e.a.,2006)

De gevolgen van pesten, agressie en intimidatie voor werknemers kunnen zéér ingrijpend zijn.Slachtoffers kunnen last krijgen van psychosomatische klachten: hoofdpijn, maag- en darmklachten, trillen, transpireren, hartkloppingen, gespannenheid en slaapproblemen.

Bij aanhoudend pesten of na ingrijpende, herhaaldelijke ervaringen met externe agressie kunnen klachten chronisch worden. We spreken dan over een Post Traumatisch Stress Syndroom. Mensen hebben last van nachtmerries, geheugenverlies, concentratieverlies, vermijdingsgedrag en flashbacks van de nare gebeurtenis. Nogal wat slachtoffers worden arbeidsongeschikt.

Blijft een slachtoffer echter blootgesteld aan dezelfde werksituatie, dan kan na verloop van tijd een Algemeen Angst Syndroom optreden. Slachtoffers veranderen dan blijvend van persoonlijkheid. Ze vertrouwen niemand meer. Zelfs niet mensen in hun privé-situatie of mensen die werkelijk het beste met hen voor hebben. Naast deze klachten lijden slachtoffers aan depressie en hebben zelfs gedachten aan zelfmoord. Geschat wordt, dat één op de tien zelfmoorden te maken heeft met pesten.

Wettelijke normen nu, en in de plannen van het kabinet

Op dt moment kent de arbowet één algemene bepaling over het tegengaan van agressie en intimidatie: “De werkgever voert, binnen het algemene arbeidsomstandighedenbeleid, een beleid met betrekking tot het beschermen van werknemers tegen seksuele intimidatie en tegen agressie en geweld.”(artikel 4.2) Alleen in een ‘interne handhavingsinstructie’ van de Arbeidsinspectie krijgt dit artikel concreet ‘handen en voeten’.

In de kabinetsvoorstellen voor een nieuwe arbowet en een nieuw arbobesluit verdwijnen agressie en intimidatie onder de algemene verzamelnaam ‘psycho-sociale arbeidsbelasting’ Een gezondheidskundige grenswaarde wordt niet gegeven, maar ook het door de SER aangereikte alternatief, een concrete agendabepaling hóe een werkgever met dit risico moet omgaan, wordt op bedroevende, niets toevoegende wijze uitgewerkt.

Wat wil FNV Bondgenoten ?

  • FNV Bondgenoten wil dat in de arbowet duidelijk de verschillende vormen van psycho-sociale arbeidsbelasting worden benoemd en van elkaar onderscheiden, waarmee werknemers te maken hebben.
  • FNV Bondgenoten wil zo spoedig mogelijk toewerken naar wettelijke doelvoorschriften en grenswaarden voor de meest voorkomende vormen van psycho-sociale arbeidsbelasting, te weten:
    • werkdruk
    • agressie en intimidatie binnen het bedrijf (“pesten”)
    • agressie en intimidatie door derden ( “sociale veiligheid”)
    • sexuele intimidatie
  • FNV Bondgenoten wil, in afwachting van de invoering van een dergelijke concrete grenswaarde, op korte termijn een heldere agendabepaling in het arbobesluit, waarin in elk geval aan de orde zouden moeten komen de volgende aspecten:
    1. beoordeling van aard en omvang van het risico (‘nulmeting’)
    2. analyse van de voornaamste agressieveroorzakende, dan wel – verhogende factoren
    3. maatregelen nemen, met daarin de volgende elementen:
      –> aanpassen van de organisatie van het werk, gericht op het wegnemen dan wel verminderen van agressieveroorzakende en – verhogende aspecten
      –> treffen van fysieke en organisatorische maatregelen om het risico van agressie en intimidatie te verminderen, met als richtsnoer de arbocatalogus van de betreffende sector
      –> het op peil houden dan wel brengen van opleiding, kwalificatie en ‘weerbaarheid’
      –> zonodig aanpassen van de stijl van leidinggeven en ingrepen in bedrijfs- of afdelingscultuur
      –> een goede organisatie van de opvang, minimaal inhoudende een klachtenregeling, vertrouwenspersonen, alsmede een combinatie van collegiale en professionele opvang en nazorg
    4. controleren van de uitvoering van de plannen
    5. evalueren van de plannen: zijn de beoogde resultaten behaald? (vervolgmeting) , en zonodig nieuwe, aangepaste , maatregelen nemen
Wat wil de Sociaal Economische Raad (SER)?
“Voorstelbaar is dat op een aantal terreinen waarvoor doelvoorschriften van belang zijn, zich de situatie voordoet dat (nog) geen handhaafbare doelvoorschriften in de vorm van grensnormeringen bestaan of kunnen worden geformuleerd ter voorkoming van gezondheidsschade.

In die gevallen kan volgens de raad het beschermingsniveau worden gewaarborgd door het formuleren van een procesnorm. In een procesnorm, die in formele zin een plek krijgt in het publieke domein, wordt vastgelegd dat voor een
bepaald risico een nadere regeling is vereist waarin de elementen die onderdeel moeten uitmaken van het arbeidsomstandighedenbeleid met betrekking tot het betreffende onderwerp dienen te worden meegenomen.

Volgens de raad zou aan een dergelijke procesnorm vorm moeten worden gegeven door het betreffende onderwerp als algemene beleidsvoeringverplichting op te nemen in (artikel 3 van) de Arbowet (inspanningsverplichting).

In het Arbobesluit wordt deze beleidsvoeringverplichting vervolgens uitgewerkt door middel van een ‘agendabepaling’. Hierin worden de elementen genoemd die onderdeel uit moeten maken van het arbobeleid met betrekking tot het betreffende onderwerp binnen bedrijven. De verdere uitwerking geschiedt in het overleg tussen werkgever(s) en
werknemers.” (SER-advies pag 34 van de niet-vomgegeven pdf-versie)

Meer informatie
  • arbobondgenoten.nl, dossier agressie

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Vul alstublieft uw commentaar in!
Vul hier uw naam in