Arbosite FNV Bondgenoten

0

U bent ziek en verwacht een oproep te krijgen voor een eerste WAO-keuring. U ontvangt al enige tijd een WAO-uitkering en wordt opgeroepen voor een herkeuring. U wordt herbeoordeeld voor een WAO-uitkering volgens de TBA. Voor welke WAO-keuring u ook wordt opgeroepen, u kunt een WAO-begeleider van FNV Bondgenoten meenemen.

Wanneer wordt u opgeroepen voor een WAO-keuring?

Na ongeveer acht maanden ziekteverzuim ontvangt u van de uitvoeringsinstelling een aanvraagformulier voor een WAO-uitkering. Na het inzenden van dit aanvraagformulier wordt u opgeroepen voor de eerste WAO-keuring. Er wordt een begin gemaakt met de beoordeling of de werknemer in aanmerking komt voor een WAO-uitkering. Na een jaar wordt opnieuw uw recht op een WAO-uitkering bepaald. Elke vijf jaar moet u de WAO-uitkering opnieuw aanvragen en wordt u voor een herkeuring opgeroepen. De uitvoeringsinstelling kan u overigens te allen tijde oproepen voor een herkeuring als zij daar reden toe ziet.

Wie kunt u meenemen als begeleider?

U kunt een goede kennis meenemen, een vriend, uw partner, maar u kunt ook een begeleider van FNV Bondgenoten meenemen. Zij hebben speciale scholing gevolgd over de WAO, de Ziektewet en diverse keuringen. De begeleider kan u bijstaan met zijn/haar kennis, u helpen met informatie en emotionele steun verlenen. Het gesprek voert u echter zelf, de begeleider zal enkel aanvullen als u iets vergeet. Is er een medisch onderzoek nodig, of als het gesprek dit vereist, dan trekt de begeleider zich terug. U kunt dit van tevoren met de begeleider bespreken.

Tips

Als u onmogelijk op de voorgestelde datum kunt, maak dan een andere afspraak. Goede redenen zijn bijvoorbeeld: meer tijd nodig om materiaal te verzamelen, de huisarts te spreken of een begeleider te vinden. Andere tips zijn: – Hoe oud en volledig zijn de medische gegevens die de uitvoeringsinstelling heeft? Maak eventueel samen met uw begeleider een afspraak met de instelling om de gegevens in te zien. Vraag zo nodig de behandelend arts om een medisch verslag van uw situatie. – Bereid het gesprek samen met uw begeleider voor. Waarom zou u wel kunnen werken? Waarom niet? Bedenk goed wat u niet kunt en waar u last van krijgt. Schrijf wat voorbeelden op uit uw dagelijks leven. Denk hierbij aan staan, zitten, tillen, bukken, stof, hitte, et cetera. Maar ook hoe lang achter elkaar u dit kunt doen en hoe vaak u moet rusten. – De keuring bestaat uit een gesprek en mogelijk een medisch onderzoek. Zorg dat u een legitimatiebewijs bij u heeft. De arts onderzoekt welke beperkingen en welke mogelijkheden u, met uw klachten of ziekte, heeft om te werken. Er kunnen zowel lichamelijke als psychische beperkingen zijn. Het gaat om werken in zijn algemeenheid.

Het tweede gesprek

Het tweede gesprek is met de arbeidsdeskundige. Deze stuurt u een oproep voor een gesprek. Als u of uw begeleider onmogelijk kunt, maak dan een nieuwe afspraak. De arbeidsdeskundige geeft aan welke soort arbeid het is, rekening houdend met de door de verzekeringsarts aangegeven belastbaarheid die u zou kunnen vervullen. Hij/zij moet minstens drie functies kunnen aangeven die u zou kunnen vervullen. De arbeidsdeskundige bespreekt de functies met u. Bent u van mening dat u dat soort werk, gezien uw beperkingen, niet kunt doen, geef dan duidelijk aan waarom u dat vindt. De arbeidsdeskundige geeft ook aan of u recht heeft of behoudt op een WAO-uitkering en voor hoeveel procent.

Na de gesprekken krijgt u van de uitvoeringsinstantie een beschikking toegestuurd. Lees deze goed door en bedenk of u het ermee eens bent. Teken, als u het niet eens bent met de beschikking, binnen zes weken beroep aan. Uw vakbond kan hierover informatie verstrekken en u hier behulpzaam bij zijn desgewenst.

bron: site FNV Bondgenoten – www.bondgenoten.nl