Thema informatie arboconvenant wonen

0

Achtergrond

Vroege reïntegratie is een actueel onderwerp, van belang om onnodige uitval door verzuim en arbeidsongeschiktheid te voorkomen. In de convenantsnotitie van het ministerie van SZW staat de wens geformuleerd dat vroege reïntegratie een plaats krijgt in het convenantstraject. Deze wens is overgenomen in de intentieverklaring van het arboconvenant in de wonenbranche. Op het gebied van of in samenhang met het thema vroege reïntegratie lopen al een aantal initiatieven in de branche: · Sociale partners in de wonenbranche zijn samen met het STAC Rugtrainings- en Advies Centrum in voorjaar 2000 een proefproject gestart in Zuid-Nederland, om 200 werknemers uit de branche, die wegens rug-, schouder- en knieklachten niet kunnen werken, middels een training weer terug te laten keren naar hun werk. · Het CBW doet mee aan het project Disability Management van MKB-Nederland. Dit project beoogt een leer/werkpool te organiseren, gericht op preventie van uitval van werknemers met een (dreigende) arbeidshandicap of chronische (beroeps)ziekte uit het arbeidsproces. · Aan het eind van 2000 loopt het huidige mantelcontract over de arbodienstverlening met Commit Arbo af. Samen met een aantal andere branche-organisaties wil het CBW komen tot een nieuw mantelcontract, waarin onder andere afspraken gemaakt worden over vroege reïntegratie.

· Het CBW werkt samen met een aantal andere brancheorganisaties in de detailhandel en ambachten aan de ontwikkeling van een 1-loketfunctie voor ondernemers, ter verlichting van de administratieve last, voor de logistiek van (elektronische) gegevens (bijv. richting UVI, arbodienst en verzekeringsmaatschappijen), als coördinatiepunt voor diverse “ketens” (zoals een verzuim/reïntegratieketens) en als helpdesk voor de uitvoering van allerlei wettelijke regels. Zo’n 1-loket zou ook het centrale punt kunnen zijn voor ziekmelding (door de werkgever) en reïntegratie-activiteiten.

Taakstelling

In het kader van het arboconvenant wonenbranche maken de partijen nadere afspraken over: § maatregelen die de reïntegratie-activiteiten van zieke werknemers in het eerste ziektejaar zo snel mogelijk in gang zetten;

§ maatregelen die zorgen voor een snelle en effectieve reïntegratie van zieke werknemers, rekening houden met branchespecifieke kennis over risico’s en branchespecifieke reïntegratiemogelijkheden.

Onderzoek

Bovenstaande voorstellen dienen nog nadere invulling en uitwerking. Daarbij dienen de volgende onderzoeksvragen te worden beantwoord:

  1. Wat is de omvang (absoluut en procentueel) van het ziekteverzuim en de WAO-instroom in de Wonenbranche?
  2. Hoe verhouden d e gegevens over ziekteverzuim en WAO-instroom zich tot aanpalende branches (bijv. de detailhandel) en tot het landelijk gemiddelde?
  3. Welk deel van het verzuim en de WAO-instroom is arbeidsgerelateerd? Wat zijn de oorzaken van het arbeidsgebonden verzuim en WAO-instroom?
  4. Hoeveel en wat voor soort interventies zijn de afgelopen jaren in het eerste ziektejaar gepleegd om reïntegratie te bevorderen?
  5. Wat is kenmerkend voor het verzuim- en reïntegratiebeleid op bedrijfsniveau zoals dat momenteel in de wonenbranche wordt gevoerd? Welke rol speelt de arbodienst en de uvi daarbij?
  6. Welke maatregelen en initiatieven zijn de afgelopen jaren en worden op dit moment in de Wonenbranche genomen, bijvoorbeeld naar aanleiding van CAO-afspraken, met betrekking tot verzuimbegeleiding en vroegtijdige reïntegratie?
  7. Tot welk resultaat leiden deze maatregelen c.q. hebben deze maatregelen geleid, welke rol speelt de arbodienst, de uvi en andere actoren daarbij, welke knelpunten worden ervaren en wat zijn de kritische succesfactoren?
  8. Welke maatregelen zijn – op grond van de onderzoeksresultaten, van kennis in andere branches en op grond van kennis over een succesvolle verzuimaanpak in zijn algemeenheid – het meest geschikt om middels het arboconvenant in de Wonenbranche te worden geïmplementeerd? Wat zijn de kritische succesfactoren voor een succesvolle implementatie en een effectief resultaat van deze maatregelen?
  9. Welke kosten en baten zijn van deze maatregelen te verwachten?
  10. Op welke termijn zijn deze maatregelen te realiseren?

Plan van aanpak

Te nemen stappen:

  1. Bespreken discussienotitie: juni 2000
  2. Bespreken startnotitie: september 2000.
  3. Vaststellen en uitzetten offerte-aanvraag: september 2000.
  4. Goedkeuring offerte door BBC: november 2000.
  5. Afronding onderzoek: uiterlijk april 2001.
  6. Nader invullen en vaststellen van kwantitatieve taakstellingen: mei 2001
  7. Verwerken resultaten in implementatieplan: mei 2001.

Projectvoorwaarden:

· Startdatum: november 2000, einddatum 1 mei 2001.
· In principe 100% subsidieverlening van het ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid.