Artikel Beter tillen

0
 

Werkgevers- en werknemersorganisaties in de thuiszorg hebben op 3 maart 1999 met het kabinet een contract gesloten voor de verbetering van de arbeidsomstandigheden in de thuiszorg. Dit convenant is de eerste in een serie van convenanten die het kabinet met twintig bedrijfssectoren wil sluiten om de groei van het aantal arbeidsongeschikten te verminderen.
Staatssecretaris Hoogervorst (Sociale Zaken en Werkgelegenheid) en, namens staatssecretaris Vliegenthart, directeur-generaal P. Pennekamp alsmede aan werkgeverszijde de Landelijke Vereniging voor Thuiszorg Nederland (BTN) en de werknemersorganisaties AbvaKabo FNV, de CNV-bond CFO, Nu ’91 en de LAD (Artsen in dienstverband) ondertekenden het convenant. In de thuiszorg wordt door veel werknemers veel en zwaar getild. De zwaarte van het werk leidt tot een hoog ziekteverzuim en instroom in de WAO. Het ziekteverzuim en het aantal WAO’ers in deze branche liggen boven het landelijk gemiddelde (acht procent). De sector thuiszorg steekt al geruime tijd veel energie in de aanpak van het verzuim. Het afgesloten convenant maakt onder meer gebruik van de zogeheten praktijkregels voor de vermindering van lichamelijke belasting zoals tillen. Deze regels zijn in opdracht van sociale partners door TNO-arbeid ontwikkeld. De ondertekening van het arboconvenant vormt bovendien het officiële startsein voor het project ‘Stilstaan bij bewegen’. Alle medewerkers krijgen een brochure uitgereikt met praktijkregels gericht op de eigen werksituatie. De instellingen voor thuiszorg zullen binnen een paar jaar een plan van aanpak opstellen voor het hanteren van deze praktijkregels, waarin bijvoorbeeld concrete maatregelen worden opgenomen om in de praktijk het tillen tot een aanvaardbaar niveau terug te brengen. Werkplekken moeten zo worden ingericht dat ongunstige werkhoudingen moeten worden voorkomen. Het gebruik van bepaalde hulpmiddelen moet het werk minder zwaar maken. Te zwaar tillen en te veel bukken moet zoveel mogelijk worden teruggedrongen.Dit betekent in ieder geval dat uiterlijk over vijf jaar het tillen en verplaatsen van mensen niet meer door een hulpverlener alleen gebeurt. Ook kan het noodzakelijk zijn dat meer dan één werknemer tegelijk bij een cliënt werkt. Om de doelstellingen van het convenant te halen zal het aantal hulpmiddelen moeten worden uitgebreid. De instellingen zullen desgewenst worden geadviseerd door TNO-arbeid. Over de financiering zijn, in het kader van het sectorfonds voor de thuiszorg, afspraken gemaakt tussen werkgevers- en werknemersorganisaties.

Dit artikel is gepubliceerd in VWS Bulletin, nummer 5 van 19 maart 1999.