Arbobondgenoten signaleert…

0

Werkgevers hebben in december 2003 een brief gestuurd aan staatssecretaris Rutten. In deze brief geven zij aan dat er onvoldoende draagvlak is voor het afsluiten van een arboconvenant. Als reactie hierop heeft FNV Bondgenoten begin februari 2004 ook een brief aan Rutten gestuurd.
Hieronder een samenvatting van de kernpunten.

Werkgevers geven in hun brief aan dat de branches te divers zijn om tot een Arbo-convenant te komen. FNV Bondgenoten is juist van mening dat de verschillende sectoren hadden moeten kijken naar wat hun bindt en niet naar wat hun scheidt.

Werkgevers geven tevens aan dat mede gezien de economische druk een financiële bijdrage van de branches niet op te brengen is.
FNV Bondgenoten kan begrip hebben voor het feit dat de financiële draagkracht van sectoren niet groot is. Echter al voor het tekenen van de intentie verklaring wordt aan alle branches die betrokken zijn bij een Arboconvenant duidelijk gemaakt dat de branches ook zelf financiële middelen ter beschikking moeten stellen. FNV Bondgenoten is van mening dat ondanks dat er onvoldoende financiële middel voorhanden zijn dit niet betekent dat er geen afspraken te maken zijn op het gebied van verbetering van arbeidsomstandigheden.

Werkgevers schrijven in hun brief ook dat de resultaten van de onderzoeken aanknopingspunten bieden om op bedrijfsniveau verbeteringen door te voeren op het gebied van gevaarlijke stoffen. De werkgevers geven daarnaast aan dat zij graag in overleg blijven met het ministerie over de (wettelijke) ontwikkelingen op het gebied van gevaarlijke stoffen, zoals het VAST-traject (Versterking Arbeidsomstandigheden beleid stoffen) Dit VAST-traject is voor FNV Bondgenoten wel een heel dun doekje voor het bloeden. Ten eerste zouden volgens de intentieverklaring met de sectoren meerder arbeidsrisico’s aan de orde komen, zoals fysieke belasting en reïntegratie.

Ten tweede is het nog maar de vraag of werknemersorganisatie betrokken worden in het traject van aanpak gevaarlijke stoffen. Vooralsnog is het zo dat in het dit traject alleen afspraken worden gemaakt tussen de overheid en werkgevers. FNV Bondgenoten heeft in zijn brief gevraagd of zij betrokken kan worden in dit traject.

Tot slot wil FNV Bongenoten benadrukken dat de verschillende onderzoeken die zijn uitgevoerd in het kader van het Arboconvenant duidelijk hebben gemaakt dat het slecht gesteld is met de arbeidsomstandigheden, ziekteverzuimbegeleiding en vroegtijdige reïntegratie in deze sectoren. FNV Bondgenoten heeft daarom de Staatssecretaris gevraagd extra inspectiecapaciteit van de Arbeidsinspectie in te zetten in deze sectoren.

De staatssecretaris heeft hierop geantwoord dat “de Arbeidsinspectie voor dit jaar geen mogelijkheden heeft om in de branche op de thema’s fysieke belasting en oplosmiddelen actief te inspecteren» en dat het verzoek van FNV Bondgenoten om te inspecteren «zal worden beoordeeld in het kader van het inspectieprogramma voor 2005”.

In juni 2004 heeft de Wit van de SP kamervragen gesteld over het mislukken van het convenant. De vragen en antwoorden vindt u in bijgevoegd aanhangstel.