Arbosite FNV Bondgenoten

0
bankenlogo99pix-5704976 knop1_vgwm-7020116

Banken werken samen aan verbeteren van arbo-omstandigheden

Onderstaande tekst is een tekst en uitleg van het arboconvenant bankwezen, en is speciaal gericht op werknemers en werkgevers in de sector.

De volledige tekst is ook te downloaden in RTF-formaat (o.a. leesbaar in Word, grootte 96 kb) of in PDF-formaat (grootte 31 kb). Voor het lezen van PDF-bestanden heeft u de gratis Acrobat Reader nodig die u hier kunt downloaden.

werkdruk-6134843 verzuimsmall-8324282

Inleidend

Op 22 november 2001 is het Arboconvenant Bankwezen ondertekend. Het Arboconvenant Bankwezen is een overeenkomst tussen de overheid (Ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid), de banken (via de Nederlandse Vereniging van Banken) en de werknemersverenigingen FNV Bondgenoten, De Unie, Dienstenbond CNV en de Beroepsorganisatie Banken Verzekeringen).

De overeenkomst geldt voor alle in Nederland gevestigde banken en betreft ruim 130.000 werknemers. Het convenant heeft drie verbeterpunten:

1. RSI 2. werkdruk

3. ziekteverzuim/WAO-instroom

Waarom is er nu besloten tot dit convenant, wat gaat er precies gebeuren en wat betekent dat voor ons?

Waarom arboconvenanten?

Goede arbeidsomstandigheden zijn van groot belang voor het voorkomen van ziekte en arbeidsongeschiktheid.

Goede arbeidsomstandigheden zijn van groot belang voor het voorkomen van ziekte en arbeidsongeschiktheid.

In oktober 1998 heeft de Tweede Kamer een nieuwe Arbowet aanvaard om deze goede arbeidsomstandigheden te bevorderen. Uit de eerste arbomonitoring, Arbobalans 1998, blijkt dat deze wet nog niet tot het gewenste resultaat heeft geleid. Het aantal werknemers dat de kans heeft om ziek te worden van het werk is nog altijd zeer hoog.

Kortom, er is extra aandacht nodig voor de verbetering van arbeidsomstandigheden.
Om nu tot een dergelijke verbetering te komen, zijn de arboconvenanten in het leven geroepen. In arboconvenanten worden afspraken op dit vlak vastgelegd door de drie partijen die betrokken zijn bij het arbobeleid, nl. werknemers, werkgevers en overheid.

Om er nu voor te zorgen dat arboconvenanten geen papieren tijgers worden, zijn er een aantal criteria opgesteld waaraan de afspraken moeten voldoen:

Criteria

  • beknopte heldere formuleringen
  • heldere kwantitatieve doelstellingen (taakstellend karakter)
  • gekozen onderwerpen weerspiegelen de werkelijke problematiek in de bedrijfstak
  • benadering problemen volgens de lijn van bronaanpak
  • alle aspecten van een convenant zijn goed ingevuld
  • goede afspraken over monitoren, voortgang bewaken en evalueren
  • goede afspraken over vertaling naar bedrijfsniveau
  • goede afspraken over inbedding in het regulier arbobeleid
  • goede afspraken over betrokkenheid werknemers en medezeggenschap
  • goede afspraken over naleving en handhaving
  • goede afspraken over faciliteiten
  • goede afspraken over voorlichting en onderricht
  • afspraken over resultaatmeting, voortgangsbewaking, evaluatie en bijsturing
  • convenant verhindert de Arbeidsinspectie niet om -daar waar nodig – de wet te handhaven

Taakstellend karakter

Het convenant bankwezen heeft een taakstellend karakter, dwz. dat het convenant effectieve afspraken bevat, uitgedrukt in een kwantitatief doel. Daarnaast wordt er bij het arboconvenant aandacht besteed aan de implementatie van de maatregelen. Naast een Plan van Aanpak op sectorniveau, moet elke bank (met 350 werknemers of meer) een actieplan op ondernemingsniveau opstellen. Hierdoor is meer maatwerk mogelijk.

Waarom een arboconvenant voor het Bankwezen?

Het bankwezen is een zgn. hoogrisicobedrijfstak. Dit houdt in dat het bankwezen een bedrijfstak is waar minimaal één van de door de overheid aangewezen prioritaire arbeidsrisico’s voorkomt. Voor het bankwezen zijn deze arborisico’s RSI en werkdruk.

Waaruit bestaat het convenant?

  • kwantitatieve doelstellingen en plan van aanpak (PVA)

Het arboconvenant Bankwezen bestaat uit twee delen: de kwantitatieve doelstellingen in het eigenlijke convenant en daarnaast is er het zgn. plan van aanpak (PVA) op sectorniveau. Dit PVA maakt onlosmakelijk deel uit van het convenant. Voor de drie onderwerpen van het convenant (RSI, werkdruk, vroegtijdige reïntegratie) staat in het PVA aangegeven wat het doel is en met welke algemene maatregelen deze doelen moeten worden bereikt. Ook de organisatie en een begroting van de kosten maken deel uit van dit plan.

  • individueel actieplan op ondernemingsniveau

Naast deze twee vaste onderdelen van het convenant zijn alle banken (met meer dan 350 medewerkers) verplicht om voor 1 juli 2002 een individueel actieplan op ondernemingsniveau op te stellen. Deze individuele plannen van aanpak moeten een vertaalslag maken van de algemene maatregelen uit het convenant naar de eigen aanpak op het niveau van de onderneming.

In het PVA, behorende bij het convenant zijn de voorwaarden opgenomen waaraan de individuele actieplannen op ondernemingsniveau minimaal moeten voldoen.
Welke maatregelen kan een individuele bank nemen om de arbeidsrisico’s te verminderen die in de eigen organisatie spelen?

Op basis van dit plan gaat elke bank vervolgens aan de slag met de uitvoering. Het individuele actieplan op ondernemingsniveau moet binnen een half jaar na de startdatum van het convenant (dwz. vóór 1 juli 2002) ter goedkeuring aan de Branche Begeleidings Commissie (het toezichthoudend orgaan met vertegenwoordigers uit elk van de drie partijen) zijn voorgelegd. In deze periode hebben de OR (of PVT) conform artikel 27 van de WOR instemmingsplicht op deze actieplannen op ondernemingsniveau.

Wat zijn de afspraken?

Goede arbeidsomstandigheden dragen bij aan meer werkplezier alsmede een vermindering van gezondheidsschade, ziekteverzuim en arbeidsongeschiktheid.
In het bankwezen is een groot aantal werknemers blootgesteld aan de risico’s RSI en werkdruk. Afspraken in het convenant zijn dan ook gericht op het zoveel mogelijk voorkomen van blootstelling aan deze risicofactoren.

Op de volgende 5 onderdelen zijn kwantitatieve doelen met bijbehorende maatregelen (zie verder) geformuleerd:


Kwantitatieve doelen

  1. Preventie van RSI (reductiepercentage wordt nog vastgesteld);
  2. Preventie van hoge werkdruk (vermindering van het aantal afdelingen dat hiermee te maken heeft met 40%);
  3. Preventie van negatieve werkstress (geen reductiepercentage geformuleerd);
  4. Reductie van het ziekteverzuim (met ten minste 10%);
  5. Vermindering van instroom in de WAO (met ten minste 20%).

Om bovenstaande doelstellingen te realiseren zijn er 11 algemene maatregelen geformuleerd waaraan elke bank uiterlijk eind 2004 moet voldoen.

Welke maatregelen zijn geformuleerd?

Onderstaand worden de 11 algemene maatregelen slechts genoemd. Voor de volledige tekst kunt u hier klikken.

  1. Voorlichting door werkgevers
  2. Voorlichtingsactiviteiten door werknemersorganisaties
  3. Bespreekbaar maken van RSI en werkdruk
  4. Protocol RSI en werkdruk
  5. Toolkit voor individuele werknemers
  6. Werkplekonderzoek en -aanpassing
  7. Arbocriteria bij inkoop meubilair en bij ontwerp van werkplekken en functies
  8. Stimuleren afwisseling bij beeldschermwerk
  9. Algemene invoering pauzeersoftware
  10. Uitwisseling van kennis en ervaring over spraakherkenning
  11. Evaluatie van zelfsturende teams

Daarnaast zullen de banken individuele maatregelen invoeren om bovenstaande kwantitatieve doelen te bereiken.

Hoofdpunten uit het convenant

  • Maatregelen ter preventie van RSI en werkdruk:

Beeldschermwerk is, zoals bekend, zeer belastend voor het lichaam. In het PVA zijn afspraken gemaakt om de nadelige gevolgen van beeldschermwerk zoveel mogelijk te beperken. Het ontstaan van RSI-klachten is vaak gerelateerd aan werkdrukproblematiek. Een aantal maatregelen is daarom met het oog op deze samenhang geformuleerd.

    • Er is afgesproken dat het aantal uren beeldschermwerk wordt teruggebracht naar maximaal 5 uur per werknemer per dag. Dit houdt in dat er gezorgd moet worden voor meer gevarieerde taken. Beeldscherm-intensieve functies zullen verrijkt moeten worden met niet-beeldscherm gebonden taken.
    • Ook moeten alle werkplekken waar meer dan twee uur beeldschermwerk per dag wordt verricht, voorzien zijn van pauzeersoftware. Er moeten regelmatige pauzes gecreëerd worden: na maximaal twee achtereenvolgende uren computerwerk moet er worden afgewisseld met ander werk of een pauze van minimaal 10 minuten.
    • Werkplekken worden volgens de meest actuele ergonomische inzichten ingericht.
    • Andere maatregelen zijn het geven van voorlichting door werknemersorganisaties en door werkgevers, verder zal in de verschillende vormen van overleg (werkoverleg, functioneringsgesprekken) expliciet aandacht worden besteed aan RSI en werkdruk.
    • Ook komt er een ‘toolkit’ beschikbaar, waarmee de individuele werknemer mogelijkheden krijgt om werkdruk of RSI te voorkomen of ‘te lijf te gaan’.
  • Maatregelen ter bevordering van vroegtijdige reïntegratie en reductie ziekteverzuim:

De maatregelen die genoemd zijn ter preventie van RSI en werkdruk hebben ook hun uitwerking op reïntegratie en ziekteverzuim. Daarnaast worden er specifieke maatregelen genomen op het niveau van de onderneming. Het brancheoverstijgend onderzoek van Bureau As/tri naar maatregelen geschikt voor verzuimbegeleiding dient als bron van inspiratie.

Tijdsplanning

Looptijd arboconvenant: 2002-2004

2002

· januari-juli·

· Uitvoeren verschillende nulmetingen (RSI, werkdruk, ziekteverzuim/WAO); · Vaststellen reductiepercentage RSI; · Vaststellen definitie ‘beeldschermwerk’ en wijze van meten hiervan; · Training OR-leden; · Website werknemersvoorlichting van start; · Individuele actieplannen op ondernemingsniveau opstellen (met OR/PVT); · Actieplannen op ondernemingsniveau ter goedkeuring voorleggen aan de BBC;

· Start uitvoering maatregelen uit PVA.

· juli-december

· Eerste resultaatmeting (zijn we op de goede weg?): in oktober 2002;
· Start cursus RSI/werkdruk consulenten (groep 1).

 
 

2003

· januari-juli

· 50% van de maatregelen moet zijn ingevoerd; · Tweede resultaatmeting (juni 2003);

· Start cursus RSI/werkdruk consulenten (groep 2).

· juli-december

· Start cursus RSI/werkdruk consulenten (groep 3).

 
 

2004

· januari-juli

· Alle beeldschermwerkplekken voorzien van pauzeersoftware; · Start cursus RSI/werkdruk consulenten (groep 4);

· 90% van de maatregelen moet zijn ingevoerd.

· juli-december

· BBC overlegt over mogelijk vervolg van het convenant (oktober 2004); · Derde resultaatmeting (december 2004); · Einde looptijd convenant.

 
 

2005

· januari-juli

· Eindmeting resultaten (april 2005); · BBC evalueert uitvoering en resultaten van convenant; · Bepalen of er noodzaak is tot opstellen (nieuwe) beleidsregels.