Kiezen van een arbodienst

0

laatste update: 8 oktober 2000

De OR heeft instemmingsrecht bij de keuze van een arbodienst of bij de verlenging van het contract tussen werkgever en arbodienst. Deze checklist maakt het eenvoudiger om de oude of nieuwe arbodienst te beoordelen.

CRITERIA VOOR DE KEUZE VAN EEN ARBODIENST

I. SAMENWERKING MET DE OR

De arbodienst:

  1. besteedt in zijn algemene voorlichtingsmateriaal aandacht aan (de positie van) de OR.
  2. heeft speciaal voorlichtingsmateriaal voor en over de OR.
  3. beschikt zelf over een protocol voor samenwerking met deOR.
  4. heeft ervaring in het samenwerken met OR-en; OR-en van ondervraagde bedrijven hebben een positief beeld van die samenwerking.
  5. is bereid om het “Samenwerkingsprotocol” te ondertekenen.

II. ERVARING ARBODIENST
De arbodienst:

  1. heeft minimaal 2 jaar aantoonbare ervaring in de betreffende bedrijfstak.
  2. ontwikkelt arbo-beleid voor:
    1. – (groepen) werknemers die geen arbeidsovereenkomst met de betreffende werkgever hebben (uitzendkrachten, stagiaires, inleenkrachten e.d.).
    2. – bijzondere groepen, zoals bedoeld in artikel 4 van de arbo-wet (vrouwen, ouderen, jongeren, gehandicapten, e.d.)
    3. – thuiswerkers.
  3. registreert het ziekteverzuim en rapporteert daarover.
  4. voert analyses o.a. naar de oorzaken van het verzuim uit: .
  5. voert analyses van beroepsziekten uit.
  6. voert analyses van ongevallen uit.
  7. rapporteert veranderingen in de arbeidsorganisatie.
  8. voert werkplekonderzoek uit.
  9. analyseert en adviseert over welzijnsrisico’s.
  10. geeft voorlichting aan het personeel.
  11. verzorgt scholing en training voor het personeel.
  12. verzorgt scholing en training voor leidinggevenden.

III. ORGANISATIE VAN DE ARBODIENST ZELF De arbodienst:

  1. is gecertificeerd, dan wel onder voorwaarden gecertificeerd.
  2. is bereid informatie te geven over de voorwaarden waaronder certifikatie plaatsvond
  3. heeft geen financiƫle relatie met de werkgever, anders dan uit het contract voortvloeit.
  4. heeft geen andere relatie met een bedrijfsvereniging, dan op grond van wettelijke verplichtingen.
  5. heeft geen financiƫle en organisatorische banden met een verzekeringsmaatschappij.
  6. laat zich niet beperken in de adviezen, door beperkende voorwaarden van het bedrijf.
  7. spreekt de werkgever aan op het niet uitvoeren van adviezen die de arbodienst geeft.
  8. hecht grote waarde aan het kunnen adviseren, ondersteunen en samenwerken met OR,vakbond en werknemers.
  9. heeft een arbeidsovereenkomst met alle deskundigen voor tenminste 50% werktijd per functionaris.
  10. heeft een ergonoom in dienst.
  11. heeft een toxicoloog in dienst.
  12. heeft een milieudeskundige in dienst.
  13. heeft een bedrijfsmaatschappelijk werker in dienst.
  14. heeft niet meer medische professionals dan overige professionals in dienst.
  15. heeft een personeelsbezetting die voldoende is om het gehele basispakket zelf uit te kunnen voeren.
  16. heeft de mogelijkheid dat werknemers op verzoek bij een vrouwelijke of mannelijke arts terecht kunnnen voor PAGO’s, spreekuur e.d.

IV. DE UITRUSTING VAN DE ARBODIENST De arbodienst:

  1. heeft documentatie, waaronder:
    1. alle AI-bladen (Arbo Informatiebladen, de opvolger van de P-bladen, verkrijgbaar bij Sdu-uitgevers).
    2. informatie over normalisatienormen.
    3. informatie over gevaarlijke stoffen.
  2. heeft zelf apparatuur voor het meten van in elk geval: licht, geluid en klimaat.
  3. beschikt over apparatuur voor arbeidsgezondheidkundig onderzoek.
  4. beschikt over relevante instrumenten die voor de bedrijfstak ontwikkeld zijn (bijvoorbeeld: Risico Inventarisatie en Evaluatie (RIE), aanvullende modules voor arbeidsgezondheidkundig onderzoek e.d.).

V. DE WERKWIJZE VAN DE ARBODIENST De arbodienst:

  1. zet een team van verschillende deskundigen voor een bedrijf in.
  2. heeft vaste contactpersoon voor het bedrijf.
  3. heeft een vaste contactpersoon voor de OR.
  4. stelt werknemers in staat om direct contact op te nemen met de arbodienst voor advies en ondersteuning.
  5. houdt arbeidsomstandighedenspreekuur voor werknemers op of in de onmiddellijke nabijheid van het bedrijf.
  6. is gedurende werktijden bereikbaar.

VI. DE WERKNEMERSVRIENDELIJKHEID VAN DE ARBODIENST De arbodienst:

  1. Voert zijn werkzaamheden uit in overleg met betrokken werknemers.
  2. Heeft zelf een klachten- of beroepsprotocol voor werknemers.
  3. Handhaaft ook bij uitvoering van controle-werkzaamheden bij ziekte de eigen onafhankelijkheid t.o.v. de werkgever.
  4. Garandeert privacy-bescherming in het contract.
  5. Verstrekt medische gegevens pas aan derden, na schriftelijke toestemming van de betrokken werknemer.