"Ik
stond erbij en ik keek ernaar"
Ongewenst gedrag: wat doen we eraan????
Informatie over
ongewenst gedrag op de werkplek en de aanpak ervan
Een uitgave van FNV Bondgenoten - Adviesteam Arbo en milieu
Herziene uitgave: augustus 2004
Vernielingen
op straat, agressie in het verkeer, verloedering van de binnensteden,
geweld in stadions. Allemaal ongewenst gedrag buitenshuis, maar wat gebeurt
er eigenlijk op het werk? In deze tekst willen we een aantal tips geven
om ongewenste gedragingen op de werkplek uit te bannen. Besproken wordt
wat we hieronder verstaan en wat u er aan kunt doen.
Ongewenst
gedrag: wat is het?
Omdat er oneindig
veel soorten van ongewenst gedrag mogelijk zijn die we niet allemaal kunnen
opsommen, beperken we ons hier tot de belangrijkste hoofdvormen:
1.sociaal isoleren:
iemand doodzwijgen, negeren of nadrukkelijk minachten;
2.werk onaangenaam
en onmogelijk maken: iemand constant de rotklussen geven, bestanden
wissen op zijn/haar PC, informatie niet geven, natte sponzen op de stoel
leggen, enz.;
3.bespotten: vanwege
uiterlijk, gedrag, wijze van praten, een andere levensstijl.
De nadruk van de dader ligt steeds op zogenaamde 'geintjes';
4.roddelen: op
een voortdurend negatieve manier praten over een collega;
5.dreigen: variërend
van dreigen met ontslag tot vage dreigementen in de trant van "we
krijgen jou nog wel";
6.lichamelijk geweld:
niet alleen slaan maar ook iemand opsluiten, duwen e.d.;
7.verbaal geweld:
steeds weer dezelfde personen op onbehouwen wijze uitschelden in grove
bewoordingen;
8.(seksuele) intimidatie:
handtastelijkheden en intimiderende opmerkingen;
9.racisme: vormen
van bovenstaande gedragingen gebruiken om iemand vanwege zijn/haar etnische
afkomst te kleineren.
Wanneer we deze
hoofdvormen bekijken, kunnen we ongewenst gedrag als volgt omschrijven:
handelingen van een groep of van een individu, gericht tegen een
persoon die deze handelingen als bedreigend, vernederend of intimiderend
ervaart.
Vallen diefstal
en vernieling ook onder ongewenst gedrag? Ja, want werken op een
plek waar gestolen of vernield wordt, kan zeer bedreigend zijn voor degenen
die dit zien gebeuren. Deze brochure gaat echter in eerste instantie
over ongewenst gedrag van collega's ten opzichte van andere collega's.
Hoe herken je ongewenst
gedrag?
Een geintje moet
toch kunnen? Natuurlijk! Een geintje kan ook erg leuk zijn, maar
wanneer het steeds bij dezelfde collega gebeurt of een pesterijtje constant
betrekking heeft op dezelfde collega, wordt de situatie anders. Ongewenst
gedrag is vaak vijandig, vernederend of intimiderend gedrag dat gericht
is op dezelfde persoon.
Het slachtoffer
is niet in staat zich te verweren en de pester of het groepje pesters
heeft meer macht dan het slachtoffer. Pesten gebeurt meestal door één
persoon (regelmatig door een leidinggevende) of door een klein groepje
waarbij één iemand het voortouw neemt. En kleine groepjes
kunnen steeds groter worden, als de druk om mee te doen ook groter wordt.
Wie zijn de slachtoffers?
Slachtoffers zijn
mensen die op een of andere manier een kenmerk dragen/hebben dat hen onderscheidt
van de algemene kenmerken die in een groep gelden. Dit kan op veel terreinen
gelden: een afwijkende muzieksmaak, een andere aanstelling (denk bijvoorbeeld
aan de uitzendkracht die de omgangsvormen niet kent), een andere huidskleur
of een andere levensopvatting. Slachtoffers hoeven niet per se op te vallen
door iets afwijkends. Het kunnen ook mensen zijn niet geleerd hebben om
voor zichzelf op te komen, erg afhankelijk zijn van wat anderen van hen
denken en niet assertief genoeg kunnen optreden.
Hoe kan ongewenst gedrag
ontstaan?
Ongewenst gedrag
heeft vaak te maken met machtsuitoefening. Bij kinderen komt al pestgedrag
voor. Mensen zijn zich vroeg bewust van het feit dat ze, wanneer ze macht
hebben, invloed kunnen uitoefenen over anderen en controle kunnen hebben
over een situatie. Pesters zijn vaak dominant aanwezig.
Een nog belangrijker vraag is misschien waarom ongewenst gedrag kan voortbestaan.
Een factor die voortbestaan mogelijk maakt, is het verzwijgen van ongewenst
gedrag. Net als bij andere misdaden, zoals geweld van volwassenen tegen
kinderen, maakt de dader het slachtoffer vaak duidelijk dat het hem duur
komt te staan wanneer hij het ongewenste gedrag met anderen bespreekt.
Uit angst voor nog meer geweld besluit het slachtoffer erover te zwijgen.
Slachtoffers worden
onzeker: ze vragen zich af of men hen wel gelooft en of het niet hun eigen
schuld is, omdat ze het laten gebeuren en er niks tegen doen.
Schaamte over de situatie kan ook een rol spelen. De dader zal niet over
zijn gedrag spreken en krijgt steeds meer speelruimte om de terreur voort
te zetten.
Er zijn altijd
omstanders, de collega's, die het zien gebeuren. Wat kan van hen verwacht
worden? Voor omstanders is een situatie met ongewenst gedrag een complexe
situatie. Een aantal van hen is bang voor de daders en gaat meedoen.
Anderen willen er niks mee te maken hebben en lopen om het probleem heen,
terwijl er ook collega's zijn die graag iets willen doen, maar onmachtig
zijn. Ze zijn niet bang voor de dader maar voor de gevolgen die het voor
hun eigen werk kan hebben.
Welke omstandigheden maken
ongewenst gedrag mogelijk?
Ongewenst gedrag
komt in alle soorten bedrijven voor: in grote en kleine bedrijven, op
kantoor, in de winkel of in de productiehal. Er zijn echter organisatiekenmerken
die dit gedrag kunnen bevorderen. Enkele voorbeelden:
- Bedrijven
waar leidinggevenden geen interesse hebben voor de werknemer als individu,
gewerkt wordt in teams met hoge productienormen en de werkdruk te hoog
is.
- Bedrijven
waar geen werkoverleg wordt gevoerd, mensen niet worden aangesproken
op hun gedrag en in het werk geen beroep wordt gedaan op eigen verantwoordelijkheid
en vakmanschap
- Bedrijven
met toekomstonzekerheid, waar mensen geen binding hebben met het bedrijf
en dus ook geen reden om er samen iets van te maken.
Wat zijn de gevolgen?
De gevolgen van
ongewenst gedrag kunnen desastreus zijn. Pesterijen en ongewenste gedragingen
zijn veelal niet te voorspellen, waardoor slachtoffers voortdurend op
hun hoede moeten zijn, steeds in onzekerheid verkeren en daardoor
argwanend worden, ook ten aanzien van personen die niet treiteren. Dit
proces is slopend en kan uitmonden in zware depressies, lichamelijke uitputting
en uiteindelijk zelfmoord. Dergelijke gevolgen hebben uiteraard grote
invloed op de partner en de kinderen van het slachtoffer. De schade die
door daders wordt aangericht strekt daarmee veel verder dan alleen het
slachtoffer zelf.
Wanneer het niet
wordt aangepakt, kost ongewenst gedrag een bedrijf veel geld. De schatting
is, dat één pestgeval een bedrijf gemiddeld vijftigduizend euro kost.
Denk maar eens
aan de consequenties: verhoogde WAO-instroom brengt hogere premies met
zich mee; veel ziekteverzuim betekent verstoring van processen; door ongewenste
gedragingen gaat veel tijd verloren; personeelsafdelingen hebben handenvol
werk aan het oplossen van de gevolgen van ongewenst gedrag, waardoor andere
zaken blijven liggen. En wanneer het echt uit de hand is gelopen, kunnen
werkgevers bij de kantonrechter rekenen op een onaangename verrassing.
Kortom, ook op bedrijfsniveau loont het aan de slag te gaan met een goed
beleid tegen ongewenst gedrag!
Wat zegt de wet?
De aanpak van ongewenst gedrag maakt deel uit van het arbeidsomstandighedenbeleid. In de Arbeidsomstandighedenwet (artikel 4 lid 2) staat dat de werkgever een beleid met betrekking tot agressie, geweld en seksuele intimidatie moet voeren. Als hij dat niet doet, is hij strafbaar. De arbeidsinspectie kan de werkgever die geen beleid voert een boete geven voor deze overtreding.
Het voorkomen van ongewenst gedrag en het te voeren beleid zullen dus aan de orde moeten komen in de documenten die het arbobeleid vaststellen.
Een ondernemingsraad kan nagaan of het probleem wordt besproken in de Risico-inventarisatie, waarin alle knelpunten op het gebied van arbeidsomstandigheden zijn opgesomd, of in het jaarlijkse 'Plan van aanpak'.
Wanneer het niet wordt besproken, kan de OR beleid afdwingen op basis van de Arbowet. Daarnaast zijn er Periodieke Arbeids Gezondheidskundige Onderzoeken (PAGO), die in het bedrijf gehouden moeten worden.
In zo'n onderzoek moeten vragen opgenomen zijn over ongewenst gedrag. In de praktijk zullen individuele werknemers die slachtoffer zijn zich ziek melden als het niet langer gaat. In zo'n geval geldt ontslagbescherming. Het is natuurlijk beter om het probleem eerder aan te kaarten bij een bedrijfsarts op het arbo-spreekuur.
Een andere mogelijkheid is dat de werknemer een vertrouwensinspecteur van de Arbeidsinspectie in de regio inschakelt. Deze kan verdere stappen nemen.
Wanneer een slachtoffer lid is van de FNV Bondgenoten, kan de bond adviseren en ondersteunen. Nuttige telefoonnummers zijn:
Wat
kun je zelf tegen ongewenst gedrag doen?
Laten we ons even
verplaatsen in onze eigen kindertijd. Wat deed je als je gepest werd?
Je zocht steun bij vertrouwde personen, in de regel je ouders of een begrijpende
leerkracht. Bij volwassenen gaat het niet anders: ook voor hen is het
heel belangrijk om steun te zoeken bij anderen. Niet bij ouders of leerkrachten,
maar bij een vertrouwenspersoon, ondernemingsraad, collega of leidinggevende.
Als de mogelijkheden op het bedrijf zijn uitgeput, kan de bond de zaak
aankaarten en bemiddelen.
Wanneer je zelf
slachtoffer bent of dreigt te worden, leg dan zaken vast, schrijf ze op
en maak een logboek. Zo weet je wanneer er ongewenste zaken plaatsvonden,
wat de aanleiding was, wie erbij aanwezig waren en hoeveel arbeidstijd
er verloren ging met deze zaken. Dit archief kan dienen als bewijs. Wacht
niet af maar neem onmiddellijk maatregelen en schakel tegelijkertijd verschillende
instanties in: collega's, de OR, vertrouwenspersoon, de bond. Het advies
is: zwijg niet maar maak het juist bekend. Het aloude spreekwoord 'wie
zwijgt, stemt toe' mag geen betekenis krijgen. Benadruk daarbij dat het
er niet alleen om gaat dat jij het slachtoffer bent maar dat het bedrijf
een probleem heeft op te lossen: het uitbannen van ongewenst gedrag! Liever nu een probleem over de vraag hoe met een dergelijk probleem in het bedrijf omgegaan moet worden, dan straks een onoplosbaar conflict waar het slachtoffer de dupe van wordt. Natuurlijk zijn er meer tips te geven, maar niet elk slachtoffer zal daarmee uit de voeten kunnen: je moet wel de kracht hebben om dingen te doen. Eén van de tips is om het gedrag van de dader te imiteren: zie de dader als een gefrustreerde, zielige persoon, niet meer dan een vervelend kind. Maak een karikatuur van zijn gedrag. Negeer hem ook, snauw hem ook af, scheld terug en bijt van je af binnen de grenzen van het toelaatbare. Daders kunnen zelf erg slecht tegen kritiek en ongewenst gedrag, zeker in het bijzijn van anderen. Doe dit trouwens in combinatie met de hierboven genoemde zaken.
Natuurlijk zijn
er meer tips te geven, maar niet elk slachtoffer zal daarmee uit de voeten
kunnen: je moet wel de kracht hebben om dingen te doen. Eén van
de tips is om het gedrag van de dader te imiteren: maak een karikatuur
van zijn gedrag.
Negeer hem ook, snauw hem ook af, scheld terug en bijt van je af binnen
de grenzen van het toelaatbare. Daders kunnen zelf erg slecht tegen kritiek
en ongewenst gedrag, zeker in het bijzijn van anderen. Doe dit trouwens
in combinatie met de hierboven genoemde zaken.
Wat kan het bedrijf eraan
doen?
Mensen aanleren
om te gaan met dit probleem is goed, maar beter is het om collectief vooraf
nee te zeggen tegen ongewenst gedrag. Daarom is het belangrijk dat bedrijven
een beleid maken en uitvoeren ten aanzien van deze gedragingen. In dat
beleid, dat gericht is op preventie, moeten de volgende zaken aan de orde
komen:
Signaleren:
- het probleem erkennen in de Risico-inventarisatie en evaluatie
- aan de
OR de mogelijkheid bieden om onderzoek te (laten) verrichten naar dergelijke
problemen
- aandacht aan ongewenst gedrag besteden in zogenaamde Periodieke
arbeidskundige onderzoeken (PAGO's).
Beleid vastleggen:
- een regeling in het bedrijf opstellen waarin het beleid wordt vastgelegd
- een klachtencommissie en klachtenprocedure instellen (een voorbeeld hiervan is op te vragen bij FNV Bondgenoten)
- een bedrijfscode opstellen wat onder gewenst/ongewenst gedrag wordt verstaan
- trainen van (midden-) management
- vertrouwenspersonen aanstellen
- een goed werkoverleg instellen , waar gedrag bespreekbaar gemaakt wordt.
Beleid uitdragen:
- actief uitdragen van beleid tegen ongewenst gedrag door leidinggevenden
- goede voorlichting (campagnes) over ongewenste gedragingen
- slechte arbeidsomstandigheden
aanpakken: veilige werkplekken inrichten, goede verlichting e.d.;
Overige maatregelen:
- leidinggevenden toerusten tot hun taken om dit gedrag tegen te gaan en
onmiddellijk de kop in te drukken
- mensen in het werk verantwoordelijkheden
geven en uitdagingen bieden
- aangeven dat er sancties zijn die deel
uitmaken van helder beleid en gelden voor alle daders van ongewenst gedrag.
Wanneer u een indruk
wilt krijgen van de problematiek in uw bedrijf, kunt u met behulp
van de checklist agressie, intimidatie en geweld van FNV Bondgenoten zelfstandig
een globaal onderzoek uitvoeren naar de problemen op het werk.
Nuttige adressen en informatie
Heeft u vragen over pesten op het werk, of heeft u andere vragen over arbeidsomstandigheden, dan kunt u bellen met de Arbotelefoon van FNV Bondgenoten.
Meer informatie over ongewenst gedrag is te vinden op www.arbobondgenoten.nl, dossier agressie, intimidatie. Onder andere vindt u op deze site:
Voor het bestellen van brochures of voor aanvragen voor juridische ondersteuning, belt u met FNV Bondgenoten, afdeling klantenservice: 0900-9690 (10 euroct./min.).
Overige naslagwerken, interessante brochures:
De 13 meest gestelde vragen over pesten op het werk
De 15 meest gestelde vragen over racisme op de werkvloer
De 13 meest gestelde vragen over seksuele intimidatie
Bovenstaande uitgaven zijn ook te bestellen via de FNV Servicelijn, telefoonnummer: 0900 - 3300300 (10 euroct./min.).
"Pesten op het werk, Bob van der Meer" ISBN 90-232-3294-1 Verkrijgbaar via de boekhandel
"Alles is toch geregeld? " Een nog steeds actuele FNV brochure van Tineke de Rijk
Terug naar top pagina
|